10. Frits

Johan zit op de bank een boek te lezen. Op de omslag van het boek staat: x91Uw tuin, een lusthof.x92 Johan bekijkt de plaatjes en af en toe knikt hij.

De deurbel gaat

Frits van langen staat op de stoep.

x93Goedenavond Johan. Hoe gaat het ermee?x94

x93Goedenavond Frits. Ik ben vandaag opgeschoten met het inrichten van de woonkamer. De meubels staan op hun plek en de vloerbedekking komt morgen.x94

x93Johan, ik heb enkele gemeenteleden gevraagd of zij je morgen komen helpen. Zo te zien zul je het nodig hebben.x94

x93Dank je wel Frits, we gaan er morgen tegen aan. O, ja, ik ga morgenochtend naar het tuincentrum. Weet jij waar dat is?x94

x93Ik heb morgen wel tijd om je daar naar toe te brengen.x94

x93Oh, nou vergeet ik je te vragen of je nog iets te drinken wilt. Een kopje thee of iets anders?x94

x93Nou, een kopje koffie zou wel lekker zijn. Als het niet te veel gevraagd is.x94

x93Nee, natuurlijk niet. Ik zal het even gaan zetten.x94

Bedachtzaam loopt Johan naar de keuken. Zou Frits misschien weten wie zijn buren zijn. Hij kan het hem wel vragen. Mat zekere hand schenkt Johan water in het koffiezetapparaat. Hij drukt er een nieuw filter in en voegt twee schepjes koffie toe. Hij drukt op het knopje en loopt naar de woonkamer.

Johan gaat zitten.

x93Frits, weet jij wie mijn buren zijn? Ik heb vanmorgen kennis gemaakt met de buurman. Hij lijkt me een aardige kerel.x94

Frits kijkt van Johan naar de grond. En van de grond naar buiten. Dan kijkt hij Johan weer aan.

x93Ehx85jax85de vorige bewoners van dit huis hadden niet veel contact met hun buren. Voor zover ik weet gaan de buren niet naar onze gemeente. Ik weet weinig van ze af.x94 Frits draait met zijn duimen. Hij kijkt op zijn horloge. x93Eh..Johanx85ik herinner me opeens dat ik met mijn vrouw boodschappen zou gaan doen. Ik moet gaan. De koffie komt een andere keer wel.x94

x93Nou, goed hoor, Frits. Dan zie ik je morgen wel.x94

x93Ja, tot morgenochtend, dag Johan.x94

Johan denkt na. Frits gedroeg zich wel erg zenuwachtig toen hij naar de buren vroeg. Ach, wat zou Frits voor mij willen verzwijgen. Het heeft misschien niks te betekenen. Johan pakt zijn boek van de tafel en begint weer te lezen. Al gauw is hij compleet in beslag genomen door wat hij leest en ziet.

26 October 2006
By on 08:33
09. Lusteloos

Tom duwt opgelucht de deur dicht. Hij is blij dat de buurman geen heel gesprek met hem aanknoopte. Nog even kijkt hij Johan na door zijn spionnetje. Onhandig baant deze zich een weg door Toms tuin. Tom ziet hoe een tak een scheur maakt in de afzichtelijk paarskleurige broek. Een glimlach verschijnt op Toms gezicht. "Kluns. Dat krijg je ervan. Had ie me maar niet moeten storen met z’n onzin." Hij gniffelt. "Die zak lijkt het niet eens te merken." Bij zijn eigen tuin aangekomen bestudeert Johan nogmaals de schade. Tom vind het nu eigenlijk best grappig dat Lucifer zich zo uitgeleefd heeft. "Ik zal vandaag z’n schoteltje extra vol doen."

De dag verstrijkt en Tom doet zoals gewoonlijk niks. Ja, hij krabt wat aan zijn kont en beweegt af en toe zijn duim op de knoppen van de afstandbediening, maar aan meer lichaamsbeweging komt hij niet toe. Tom is moe. Tom is altijd moe. Hij ontkent het voor zichzelf, maar ook geestelijk is hij moe. Geen hoop, geen dromen, geen leven. En hij is ervan overtuigd dat niemand hem kan helpen.
De avond valt, voor het huis van de buren stopt een auto. Vanuit zijn stoel kon Tom precies tussen de gordijnen door kijken. Het was dezelfde hagelwitte auto, die hij al eerder gezien had. Frits stapte uit.

9 October 2006
By on 16:05
08. Kennismaking

Johan wordt wat ongeduldig van het wachten. Hij tikt tegen het ruitje van de deur. Hij wacht weer en tikt nog eens tegen het ruitje. De deur gaat open op een kier.
Een muffe lucht komt Johan tegemoet. Het ruikt naar verschraald bier en sigarettenrook en nog iets anders. Een gezicht verschijnt. Het gezicht mompelt iets onverstaanbaars.
Johan ziet een man met een ongeschoren gezicht, met alleen een hemd en een onderbroek aan. De kleren zien er bevlekt en ongewassen uit. Johan laat zich echter niet kennen.

"Goedemorgen, ik ben uw nieuwe buurman. Mijn naam is Johan Wijs."

Het gezicht van de man ziet er nou niet echt opgewekt uit.

"Hm… Dwaas."

Johan verstaat niets van het gemompel.

"Wat zegt u?"

"Tom Dwaas. Dax92s de naam."

"Aah zo."

"Wat moet je?"

"Prettig kennis te maken."

"Ja, ja, ja", mompelt de man.

"Eh, buurman," zegt Johan "Heeft u ook last van vandalen die tuinen vernielen?"

"Watte? Nee, denk x92t niet. Man, ik heb koppijn. Laat me slapen."

De man geeuwt wat.

"Ach, dan laat ik u lekker weer slapen. Ik zal wel een klacht indienen bij de plaatselijke politie."

"Daag."

"Tot ziens buurman!"

Het laatste wat Johan nog hoort voordat de deur dicht gaat is:

"Hmf… mooi."

Johan werkt zich weer door het onkruid. Een oude tak van een braamstruik blijft aan zijn joggingbroek haken. Johan voelt het niet. Hij is in gedachten verzonken. Zou de buurman getrouwd zijn? Of zou hij alleen wonen in dat grote huis? Zou hij kinderen hebben? Naar welke kerk zou de buurman gaan? Johan popelt om Tom Dwaas uit te nodigen voor een kopje thee om hem op die manier beter te leren kennen.

Johan Loopt het voetpad op naar zijn huis. Voor zijn tuin blijft hij staan. Hij overziet de schade. De bloemen in de tuin waren nog niet echt van hem. Ze waren aangeplant door de vorige bewoners. Johan, die wel groene vingers heeft ziet het positief in. Nu de tuin half omgeploegd is kan hij er misschien een nieuwe tuin van maken naar eigen ontwerp. Johan krijgt al een beeld voor ogen van hoe de tuin eruit moet gaan zien. Nu eerst nog het ontwerp op papier tekenen en dan naar het tuincentrum. Johan kan niet wachten om te beginnen met het veranderen van zijn tuin.

Dan bemerkt hij de scheur in zijn joggingbroek. Dat ziet er minder mooi uit. De joggingbroek was net nieuw en Johan is heel zuinig op zijn kleding. Van joggen zal niet zoveel meer komen. Ik kan beter eerst mijn broek naaien en het plan uittekenen voor de nieuwe tuin.

Vol goede moed stapt Johan zijn huis binnen.

28 September 2006
By on 11:11
07. Snel dan maar

Met een bonkende koppijn en een tong als leer schrok Tom wakker. Hij keek op zijn wekker. ’7:40′ stond er in rode digitale cijfers. "Tering, zeg." Het tikken op het raampje klonk hem als mokerslagen op zijn hersens. "Godverdomme!" vloekte Tom. Nieuwsgierig stak Lucifer haar hoofd om de hoek van de deuropening. Tom schonk geen aandacht aan haar. Loom ging hij op de rand van zijn bed zitten. Alweer tikte er iemand op het raampje van de voordeur. "Ja ja ja." Tom slofte in zijn ondergoed  naar de voordeur. Na elke drie passen zocht hij steun bij de vieze muren van zijn halletje. Waggelend bereikte hij de voordeur. Hij keek door zijn spionnetje naar buiten. Op zijn stoepje zag hij de buurman staan, vreemd vervormd door het kijkglaasje.
"Verdomme!" Tom weifelde even of hij open zou doen. Maar hij besefte al dat het te laat was. Het licht was al aan en dat was van buiten te zien. De buurman moest al lang doorhebben dat er iemand thuis was. Hij had natuurlijk terug zijn bed in kunnen duiken, met het kussen over zijn hoofd, maar iets weerhield hem daarvan. ‘Snel dan maar, des te eerder is het voorbij’ redeneerde Tom. Hij opende de sloten en deed de deur tot op een kier open.

24 September 2006
By on 19:39
06. Wat is dit nou?

Het is 07:00 in de ochtend. Johan staat op. Hij wast zich, poetst zijn tanden en doet zijn joggingkleren aan. In een opperbest humeur dekt hij de tafel om te gaan ontbijten en hij zet een verse pot thee. De tafel is in een mum van tijd bezaaid met kaas, vleeswaren, jam en een hardgekookt eitje. Johan gaat zitten en hij murmelt het gebed wat zijn ouders hem hebben geleerd:

x93Here, zegen deze spijzen, amen.x94

Nadat hij genoeg gegeten heeft fluistert hij:

x93Here, dank U voor deze spijzen, amen.x94

Hij ruimt hij de tafel af en wast het bordje, bestek en het glas af. Hij ruimt de spullen meteen op. Johan doet enige rek- en strekoefeningen en wandelt naar de deur. Heerlijk om een half uurtje te werken aan zijn conditie. Johan staat op de stoep en kijkt om zich heen. Er is iets veranderd aan de tuin. Toen Johan gisteren aan kwam, stond de tuin vol met bloembedjes. Dahliax92s, margrieten, lupines en andere prachtige bloemetjes. Nu zijn de bloemen geknakt en aangevreten.
Bloembedjes zijn vernield en het houten tuinhekje ligt deels op zijn kant. Wie kan dit nu hebben gedaan? Johan snapt er helemaal niks van.
Hij denkt na: ‘Misschien dat de buren iets hebben gezien. Ik zal het hen eens gaan vragen.’

Johan loopt kordaat naar het huis van de buren. Hij ontdekt dat het tegelpad van de buren bijna volledig overwoekerd is door hoog gras en onkruid. Johan baant zich een weg door de wildgroei, wat niet gemakkelijk gaat, tot dat hij bij de voordeur is aangekomen. Hij zoekt de deurbel en drukt erop. Er is geen geluid te horen. ‘Doet deze bel het wel?’ Johan drukt er nog eens op. Weer geen geluid. Dan maar even wachten.

21 September 2006
By on 16:00
05. Ravage

Pils om xe9xe9n uur ‘s middags. Voor sommigen wellicht een rare gedachte, maar voor Tom de gewoonste zaak van de wereld. Zijn leren stoel plakte aan zijn ontblote bovenlijf. Niet alleen door de warmte, maar ook door het schoonmaakpatroon van Tom, welke niet bestond. Een belspelletje. ‘ST.FZ..G.R’ stond er in het scherm. Wanhopig zwaaiend met haar armen probeerde de presentatrice kijkers aan het bellen te krijgen. Tom kon niet bellen, zijn telefoonlijn was al maanden geleden afgesloten wegens onbetaalde rekeningen. Tom zat er niet mee, hij had toch niemand om te bellen.

De avond valt.

"Waar is die klotepoes nou weer?" vroeg hij zich plotseling af. Hij keek de kamer rond en even onder zijn stoel. Niets te zien. Lucifer was er niet. Tom en zuchtte. "Die zal wel weer ergens buiten rondzwerven."
Lucifer was een slimme kat, en dat maakte haar des te gemener. Ze woonde al bij Tom sinds dat ze een kitten was. Tom hield niet van dieren, maar nam Lucifer toch in huis. Hij had namelijk een grotere hekel aan muizen dan aan katten. Vaak wandelde ze door de buurt, nieuwsgierig als ze was. Ondanks dat ze een vrouwtje was was ze de grootste vechtersbaas uit de buurt. De meeste katten werden al bang bij het zien van haar verschijning.

Tom stond loom op en liep naar het raam. Na de gordijnen ietwat opzij geschoven te hebben, keek hij naar buiten. De verhuiswagen was nergens meer te bekennen. Er stond wel een vreemde auto voor zijn huis. "Godver", mompelde Tom, "Krijgen we dat ook nog." Zijn blik dwaalde richting de tuin van zijn nieuwe buurman. Mooie bloemperkjes pronkten er fier in het lantaarnpaallicht. De vorige bewoonster was een fanatiek tuinier. "Dus daar ben je." Lucifer sloop door het prachtige tuintje, alsof ze iets zocht. Ze snuffelde aan de bloemetjes. Onverwacht kwam er een mot uit te voorschijn, welke Lucifer flink van haar stuk bracht. Wild begon ze naar het beestje te klauwen. De mot, die danig in paniek was, danste over de bloemperkjes. Als een bezetene baande Lucifer zich een weg door het tuintje, wat een flinke ravage aanrichtte.

"Verdomme."


By on 12:51
04. Visite

Johan zit op de bank met een kopje thee in zijn hand. Op de vloer staan de grote en kleine verhuisdozen. Er staan een paar schemerlampjes die de kamer wat verlichten. Johan kijkt naar buiten door de ramen waar nog geen gordijnen voor hangen. Af en toe kijkt Johan op zijn horloge.
‘Aah, ze zullen er zo zijn.’

De deurbel gaat. Johan veert op van de bank en wandelt naar de voordeur.

"Goedenavond."
"Goedenavond."
"Ik ben Dinie van der Berg."

Ze geeft Johan een hand.

"Welkom in onze gemeente."

Een viertal andere gemeenteleden druppelen het huis binnen en stellen zich voor aan Johan. Johan leidt zijn gasten naar de woonkamer. Alwaar ze op de  stoelen gaan zitten die in een kring staan opgesteld.

"Wil er iemand koffie?"

Drie vingers gaan omhoog.

"En wat willen jullie? Een kopje thee?"

Johan verdwijnt in de keuken en komt terug gewapend met twee thermoskannen.

Hij schenkt de kopjes in zonder te morsen.

Johan gaat zitten.

"Mensen, zal ik deze bijeenkomst beginnen door een kort gebed uit te spreken?"

Iedereen knikt.

Dinie begint hardop te bidden.

"Hemelse Vader, dank u wel dat wij uw kinderen mogen zijn.dank u wel dat u ons zegent. Dank u wel voor Johan. Dat hij uw zegen mag ontvangen en dat hij zich thuis mag voelen binnen onze gemeente. Dat hij een licht mag zijn in een wereld vol duisternis. Dat u hem kracht moge geven zodat hij zijn steentje bij kan dragen om uw koninkrijk uit te breiden.

Dank u wel Vader. Amen."

Ogen gaan open en mensen kijken elkaar aan.

"Zullen we verder gaan door een lied te zingen tot eer van Jezus?"

De liedboekjes worden uit een tas gehaald en verdeeld onder de mensen.

"Johan, weet jij een mooi lied?"

Johan bladert in zijn boekje.

"Nummer 104 vind ik wel mooi."

Hanneke zet het lied in en weldra zingt iedereen mee.


By on 11:35
03. Zie ze nou ‘s

"Verdomme, die klootzak zwaait zelfs al naar me." Tom trok zich even terug. Hij wilde niet graag dat de buurman zijn gezicht kende. Voor je het weet groette die vent hem in de supermarkt. De supermarkt is er om essentixeble middelen te halen, zoals magnetronmaaltijden en pils. Niet om buren te begroeten. Toch nam Tom nogmaals het risico en keek weer nieuwsgierig en bovendien voorzichtig naar buiten.

"Kijk ‘m nou ‘s staan. Met die grijns van ‘m."

De nieuwe buurman keek trots naar zijn mooie tuintje en leek daarna het dak van een afstand te inspecteren.

"Sjeezus, die lijzige homo van een Frits gaat zich er ook mee bemoeien. Dat worden vast dikke vriendjes, die twee", mompelde Tom. Zijn kat miauwde.
"Hou je bek, Lucifer!" snauwde haar baasje.

Tom kende Frits van Langen nog van de middelbare school. Van Langen was wat je noemt een voorbeeldscholier. Altijd had hij netjes zijn huiswerk af en nooit kwam hij te laat. Leraren waren dol op het ijverige jongetje. Tom kon hem niet uitstaan. Al meerdere malen had hij hem ondersteboven in de vuilnisbak gehangen, geld eisend. De arme Frits gaf zich uiteindelijk huilend over.
Tom was er van begin af aan al van overtuigd geweest dat Frits homo was, maar hij bleek de enige te zijn die dat dacht.

"Zie ze nou ‘s lullen met z’n tweexebn. ‘t Gaat vast nergens over. Mensen lullen altijd nergens over."

Tom kon het niet langer aanzien en begon aan zijn ontbijt. In de koelkast vond hij een aangebroken pak melk dat al lang over de datum was. Hij schonk het bij wat taaie cornflakes en zijgde neer voor de tv.

"Jij ook wat, Luci?"

De kat maakte een geluid wat vermoedelijk ‘nee’ betekende.

20 September 2006
By on 20:01
02. Een nieuw begin

Johan opende de deur van de verhuiswagen en stapte uit. Eindelijk, daar was hij dan. Tevreden overzag hij de straat. Peter die de auto bestuurde ging naast hem staan.

"Is dit het dan?"
"Ja, daar is nummer elf."

Johan wandelde het pad op en keek om zich heen. Een nette buurt zo te zien. Alles zag er spik en span uit, behalve dan het huis naast zijn toekomstige woning. Het begon al met de tuin van dit huis. Exe9n grote wildernis.
Brandnetels en distels groeiden er en een drietal oude berken stonden weg te kwijnen. Er lag een oude verroeste wasmachine tussen het onkruid. Johan zag beweging achter xe9xe9n van de ramen. Iemand zat naar hem te kijken. Ach, dat moesten zijn nieuwe buren zijn. Wat fijn, dacht hij, ik kan niet wachten tot ik hen zal ontmoeten. Hij zwaaide naar degene achter het raam. Het gezicht verdween.

"Hallo Johan."
"Ben je er al? Wat fijn."

Johan draaide zich om en zag Frits van Langen aan komen lopen. Ze gaven elkaar een hand.

"Wees welkom in onze rustige gemeente, Johan. Is de reis voorspoedig gegaan? We hebben voor je gebeden met de gebedsgroep. Fijn dat je met Gods hulp deze keuze hebt kunnen maken. Hier heb je de sleutels van het huis."
"Dank je wel Frits, ik voel me zeker van de beslissing die ik heb genomen om in deze stad te gaan wonen. Ik ben blij dat ik mijn steentje mag gaan bijdragen bij de opbouw van jullie gemeente."
"Wanneer begin je aan je nieuwe baan?"
"Over een weekje pas. Tot dan heb ik rustig de tijd om het huis schoon te maken en in te richten. Er moet veel gebeuren."
"Ik wil wel enkele broeders en zusters van de gemeente vragen of ze je willen mee helpen."
"Ja, dat zal ik wel nodig hebben. Dank je, Frits."

"Johan, ik moet gaan. Als er iets is bel me dan maar. Je hebt het nummer, hxe8?"
"Frits, tot kijk."
"Dag."

"Johan, kom je helpen?"

Peter was al bezig met het uitladen van de auto.
Het wordt tijd om mijn handen uit de mouwen te steken, dacht Johan.

"Ik kom er aan Peter!"


By on 18:31
01. Een onaangename verrassing

Voorzichtig tuurde Tom tussen zijn gordijnen door naar buiten. Hijvloekte binnensmonds. Al die herrie om elf uur ‘s ochtends kon hij nietverdragen. Bovendien was zijn kater weer zo hevig als altijd.
"Daar gaat mijn rust", zei hij en hij brandde zijn gordijn haast met zijn sigaret. "Godver."

Het huis naast dat van Tom Dwaas stond al geruime tijd leeg. Tom vondhet prima zo. Hij hield niet van mensen om zich heen, die kon hij nietverdragen. Altijd hadden ze nare gewoontes of een irritantementaliteit. Nee, Tom wilde met rust gelaten worden, alleen zijn. Hetwas dan ook een onaangename verrassing toen er een grote verhuiswagenin de straat stond.

Tom zuchtte. "Als ze maar niet bij me langskomen voor een goedbedoeld praatje. Een klap voor z’n smoel kan-tie krijgen."


By on 13:16